Eerste initiatieven
In het begin van de vorige eeuw leeft carnaval in Mechelen nog niet zoals vandaag de dag. In het gehele Limburgse Heuvelland is nog maar sporadisch carnavalsvereniging te bekennen. Er zijn wel toneelvoorstellingen en gezellige avonden in cafés, en er worden op vastenavondsdinsdag (vette) varkens verkocht bij Frans Claessens op de Heerenhof of Peter Tychon op Hilleshagen. Her en der in de gemeente Wittem zijn er gekostumeerde voetbal- en wielerwedstrijden, maar er wordt nauwelijks carnavalsamusement geboden. Diegenen die echt eens uit de band willen springen en de ‘richtige’ Vastenavond willen vieren, moeten uitwijken naar plaatsen als Valkenburg, Heerlerheide, Eygelshoven, Aachen, Gemmenich, Kelmis en in mindere mate Maastricht en Sittard.
Zodra blijkt dat steeds meer jonge mensen voor carnaval naar andere plaatsen trekken, maakt men in 1937 het voornemen om het daaropvolgende jaar georganiseerde carnaval in Mechelen te gaan vieren. Onder het motto ‘Wat U het eigen dorp biedt, zoek dit in den vreemde niet’ worden alle carnavalsliefhebbers opgeroepen om op zondag 19 december een bijeenkomst bij te wonen in de zaal van Alois Kicken in de Kommerstraat. Amper drie weken later, op zaterdag 8 januari 1938, komen de Mechelse carnavalsvierders bijeen met de intentie een ‘Vastenavond-comité’ samen te stellen uit de diverse besturen van de plaatselijke verenigingen. Dit voornemen resulteert in de oprichting van het Comité De Elf Narren. Het eerste bestuur bestaat uit voorzitter Gerard Kuypers, secretaris Antoon Loozen en penningmeester Hub. Kohl. De heren Hubert Simons, Willem Heuts, Hubert Maassen, Jan Kohl, Johan Plum, Sjo Ernes, Sjef Douven en Leo Hochs maken het comité compleet en samen vormen zij de eerste Raad van Elf. Deze ‘Mechelder Jonge’ leggen aldus de basis van het huidige 88-jarig jubileum.
Binnen het Nederlands koningshuis is er in januari 1938 een troonopvolger op komst. Besloten wordt om rondom deze blijde gebeurtenis festiviteiten te houden. Het net gevormde carnavalscomité neemt de organisatie op zich en zo wordt het Oranjecomité opgericht.
In januari en februari volgen er in diverse Mechelse lokaliteiten enkele grote openbare vergaderingen, met onder andere ‘optocht en route’ als agendapunt. Onder het motto ‘Mechele, de teute veger veuruut!’ wordt Mechelen opgeroepen om tijdens de carnavalsdagen bij de georganiseerde festiviteiten aanwezig te zijn. Op 19 februari 1938 komt het carnavalscomité De Elf Narren voor hun laatste vergadering in het café van Geur Kikken bij elkaar. Men vraagt zich af of er nu ook een Prins Carnaval komt. Dit blijkt voorlopig nog carnavalistische toekomstmuziek, maar het prinsenzaadje is wel geplant.
Vanuit de katholiek kerk wordt de Limburgse carnaval tegengewerkt. Zij zijn niet tegen de vreugde die het feest biedt, maar waarschuwen wel voor de aanwakkering van de genotzucht en de ernstige bedreiging van de zedelijkheid, vooral in de late en nachtelijke uren. De geestelijk adviseurs van plaatselijke verenigingen raden het af om zich met carnaval bezig te houden, en roepen in diezelfde geest op om van carnavalszondag tot en met de Vastenavond op dinsdag deel te nemen aan het veertigurengebed. Parochianen, en vooral mannen, die in de kerk zitten te bidden kunnen immers niet in het café zitten. Vanwege deze bidmanifestatie ziet onder andere voetbalvereniging I.V.O. Partij-Wittem af van deelname aan de Mechelse carnavalsoptocht. Pas in de jaren 60 raakt de kerk milder gestemd en zijn ook de eerste geestelijken bij carnavalsactiviteiten aanwezig.
Eerste optocht en eerste Prins
Op carnavalsmaandag 28 februari 1938 trekt voor het eerst de grote carnavalsoptocht door de Mechelse straten. Het wordt groots opgezet, en aangekondigd als ‘inge wie der nog noeëts in uur laeve gezieë had’. Er worden prachtige prijzen beschikbaar gesteld voor de mooiste groepen, trio’s, duo’s en eenlingen. De optocht wordt A gen Pannesjop opgesteld. De route loopt vanaf de school aan de Hilleshagerweg naar Kleeberg, komt dan terug door de Dorpstraat tot bij het Höfke om vervolgens te eindigen op de aan het Wilhelminaplein gelegen feestweide.
Het Carnavalscomité krijgt bij hun eerste optocht steun van diverse andere Mechelse verenigingen. Zo wordt de stoet gevormd door schoorsteenvegers en ‘t Immer lustig Marie (RKMVC), wielrijders (fietsclub de Bloeiende Berg), Batavieren met pijl en boog (schutterij), boeren (harmonie), cowboys (ruiterclub Galope), zigeuners (toneelvereniging KDO) en een groep reizende Volendammers (postduivenvereniging De Eendracht). Onder de bonte mengeling particuliere optochtgangers bevindt zich ook een kaboutergroep. Tijdens de optocht mag geen masker voor het gezicht gedragen worden. Na de optocht organiseren verschillende muzikale groepen een groot muziekfeest op de feestweide van dhr. Meertens ‘a gen Vogelsjtang’. Daar verzorgen de kleurrijke groepen een reeks boeiende en afwisselende optredens. Na afloop is er gelegenheid om zich met gekostumeerde en gemaskeerde bals in de diverse plaatselijke cafés te amuseren. Trots en tevreden kijkt Mechelen terug op een mooie carnavalsmaandag. Het behaalde resultaat wakkert de ambitie voor meer aan. De enige teleurstelling voor de organisatie is dat de jeugd geen vrijaf van school krijgt.
De droom van 1938 wordt het daaropvolgende jaar werkelijkheid: op zaterdag 3 februari 1939 wordt de eerste prins van Mechelen uitgeroepen. De Raad van Elf begroet in de persoon van Gregoir Kikken haar eerste ‘leider’, Prins Geur I. Opvallend is dat de provinciale bladen hem vermelden als Prins George I of Sjors I.
Oorlogsjaren en wederopbouw
De Tweede Wereldoorlog legt helaas alle activiteiten stil. De Duitse bezetter staat uitbundige volksfeesten niet toe. Zo mag de winterkermis eind januari 1940 niet op grote schaal plaatsvinden. Toch wordt er ondanks het verbod van de Territoriale Bevelhebber op (carnavals)zondag 4 februari 1940 een groot bal in de zaal van Alois Kicken-Cox gehouden. Het carnavalscomité organiseert op die dag een weldadigheidsuitvoering ten bate van de armen.
Als RKMVC in 1941 kampioen wordt, ontvangt de voetbalvereniging tijdens de huldiging naast felicitaties onder andere ook een voetbal van de Raad van Elf.
Na de oorlog komt de vereniging weer moeizaam overeind. Het comité gaat een zware tijd tegemoet. De leden moeten zelf de tekorten bijleggen, die ontstaan zijn door het slechte bezoek van zittingen en bals. Benodigdheden voor carnavalswagens en -groepen zijn schaars. Het gezegde ‘de aanhouder wint’ is in deze moeilijke periode zeker van kracht voor, en met behulp van vele vereende krachten wist het comité uit het dal te kruipen. Mannen als Piet Meessen, Nic Pleijers, Johan Botterweck, Hein Meertens, Gerard Kuypers, Andreas Jaspers, Jac Kikken, Hubert Lindelauf, Pierre Loozen, Leo Meentz, Frans Slenter, Harrie Steinbusch, Colla Vanhautem en Piet Vanhautem zetten hun schouders eronder en ontplooien allerlei nieuwe initiatieven. Een hiervan is de Vastelaovendsgezet ‘Der Breuzelèr’, die in 1948, 1949, 1950 en 1952 uitgegeven wordt.
In 1949 draagt Piet Meessen het voorzitterschap over aan Nic Pleijers, die op zijn beurt het secretariaat doorgeeft aan Johan Botterweck. Onder Nics leiding wordt besloten om op zondag 27 februari 1949 samen met het plaatselijk Thuisfront een bonte avond ten bate van onze jongens in Indië te organiseren. Verder ontvangt Mechelen dit jaar de net heropgerichte Blauwe Sjuut, en verschijnt de naam ‘Breuzelère’ voor het eerst in de provinciale gazetten en dagbladen. Ook wordt in de Omroeper voor het eerst benoemd dat een prins van Mechelen zich met of zonder prinses mag aanmelden.
Over Vo(o)sse en Teute
Het symbool van der Mechelder Karneval is de Teut. En als je iemand uit Mechelen vraagt naar de historie van de Mechelse carnaval, dan zal die beslist beginnen over de Teutevègere.
Als we de oude kranten er op naslaan, blijkt dat deze benaming al een stuk ouder is dan gedacht. Het blijkt een oude bij- of spotnaam te zijn. In 1910 en 1920 vinden we de spelling ‘Tuitevègerte’, in 1934 de ‘Töötevägers’, in 1957 de ‘Tuitevaegerte’ en in 1960 de ‘Teutevegers’. Met de opkomst van carnavalsverenigingen worden de aloude spotnamen omarmd.
Maar waar komt deze benaming vandaan? Sommigen beweren dat die is afgeleid van de blinkende melkbussen die vroeger langs de weg stonden te wachten op de melkboer. In ons onderzoek kwamen we echter ook een mooi verhaal tegen dat we jullie niet willen onthouden. Of het waar is, laten we in het midden.
Lang, lang geleden leefde er in Mechelen een bekend jager, die beroemd en berucht was om zijn grappen. Hij jaagde veel met enkele Epenaren. Op zekere dag schoot hij een vos. Daarop nodigde hij zijn collega-jagers uit Epen uit op een gezellig etentje. Hij beweerde dat hij verschillende hazen had geschoten, waarvan hij een heerlijke hazenpeper had gekookt.
De Epenaren aten met smaak van het met zorg opgediende, maar sterk gekruide gerecht. Achteraf kregen zij te horen dat de hazenpeper die zij verorberd hadden, in werkelijkheid vossenvlees was.
Een van de slachtoffers, een café- en hotelhouder uit Epen, zon op wraak en wilde de Mechelse grappenmaker terugpakken. Enige tijd later nodigde hij de Mechelenaar uit voor een stevig avondje borrelen. Zodra de gast een stevig glas had gedronken, en beweerde dat ze met zijn achten waren, terwijl er slechts vier drinkebroers tezamen rond de fles zaten, was het moment van zoete wraak aangebroken. Men vulde het borrelglaasje van de Mechelenaar uit een tuit met olie. Niet meer bij zijn volle positieven kieperde hij de olieachtige drank argeloos naar binnen. Een seconde later strompelde hij kokhalzend het café uit. En zoals de Mechelenaar de Epenaren eerst de bijnaam Vossevräeters had bezorgd, zo kregen vanaf nu de Mechelenaren de spotnaam Teutevègers!
- 12 bis 2×11 jaor (1950-1960)
Positieve stroomversnelling
In de jaren vijftig maakt het comité een geleidelijke groei door. Het ledenaantal neemt gestaag toe, en onder voorzitterschap van Nic Pleijers wordt in 1951 besloten om het bestuur uit te breiden met een tweede voorzitter, een tweede secretaris en commissarissen.
Waar de maandag gereserveerd is voor de carnavalsoptocht, toont de Raad van Elf zich in dit decennium op carnavalszondag van zijn sportiefste kant. De in 1949 ingezette koers van een gekostumeerde wielerwedstrijd, de zogenaamde ‘Runde va Mechele’ of ‘Vastelaovendsrunde va Mechele’, blijven zij tot 1954 vasthouden. De route van de Runde van 1949 wordt als volgt omschreven: ‘Kommerstraat, Autoweg, Boekgats, Wilhelminasingel, Rijksweg langs de boelevaar, nao gen durp in’. In 1950 is de route simpelweg ‘wer durch gen Boekgats’.
Hoe fanatiek er om de eerste plaats gestreden wordt, blijkt uit een passage uit 1949, waarin vermeld staat dat het Rode Kruis hulp moet verlenen wanneer een van de koppels ongelukkig ten val komt en één van hen de strijd niet kan voortzetten. In het seizoen 1951-1952 zegt Supportersclub De Sprinter zijn medewerking toe voor deze humoristische wielerronde. Het startschot wordt door de prins gelost. Zoals in de omroeper van 7 maart 1952 te lezen valt: ‘Ruim twintig renners namen hieraan deel, in alle mogelijke costuums uitgedost; het was dan ook voor de juryleden lang geen gemakkelijke taak de prijzen toe te kennen. Hub. Rompen werd tenslotte bekroond met de 1e prijs en zeer terecht, daar hij de beste indruk maakte.’
Ook het voetbalveld verandert in een bonte arena, waar verklede voetbalwedstrijden voor veel plezier en hilariteit zorgen. In 1948 voetbalt de Raad van Elf tegen het Kraaienelftal in een wedstrijd vol carnavaleske strijdlust. Een heuse, al aangekondigde interland tussen het Beer-elftal en het Ouwe Klaore-elftal kan in 1950 deze wedstrijd wegens bijzondere omstandigheden niet doorgaan. In 1955 is er sprake van een gekostumeerd voetbaltoernooi op het MVC-terrein.
Vermeldenswaard uit de optocht van 1952 is vooral de wagen van Overgeul, die een kleuterprins met prinsesje, elf narren en hun gevolg uitbeeldt en bijzonder in de smaak valt.
Vriendschap en maatschappelijke gevoelens
Op zaterdag 15 november 1952 vindt in het café van Jo Kikken de eerste carnavalszitting van het seizoen 1952-1953 plaats. De carnavalsschlager wordt dit jaar gekozen uit vijf inzendingen, en met grote meerderheid valt de keuze op het lied van Adolf Kockelkorn, getiteld Het Gätske of ‘t Boeckgitske. De tekst heeft betrekking op de Boekgats, een naam die door het gemeentelijk uitbreidingsplan vermoedelijk op korte termijn zal verdwijnen. Met het lied wil men die vertrouwde benaming levend houden voor de volgende generaties.
Ook de carnavalszitting op 28 december 1952 in de zaal van de Boerenleenbank wordt een groot succes. Alle artiesten, en vooral de buuttereedners Adolf Kockelkoren, Johan en Mathieu Kikken en Hub Vluggen, oogsten veel lof met hun optredens. Ook de knapkapel onder leiding van H. van Houtem maakt indruk. Hoewel tijdens het optreden van Hub Steijns en Jac Kikken de microfoon parten speelt, laten deze twee debutanten toch zien dat er voor de toekomst veel van hen verwacht mag worden.
In 1953 wordt Jo den Exter als prins Jo I uitgeroepen. Vanwege de Watersnoodramp besluit de Raad van Elf echter om uit solidariteit en respect voor de slachtoffers af te zien van een uitbundige carnaval. Aangezien enkele leden het Oranjecomité vormen, is besloten om de Bevrijdingsfeesten later dat jaar grootser op te zetten. Gedacht wordt aan kinderfeesten, een kinderoptocht, een grote ballonwedstrijd, en een gelegenheid om alle oud-strijders en Indië-strijders te huldigen voor de aan hen uitgereikte (militaire) onderscheidingen.
Door de afgelasting vanwege de Watersnood wordt verwacht dat carnaval 1954 veel grootser zal worden. Ook is er dit jaar een grotere belangstelling voor de functie van prins Carnaval. Volgens het reglement van de Breuzelère moet men echter aan ieder de kans geven om zich hiervoor kandidaat te stellen. Op het Prinsenbal wordt Pierre Loozen geproclameerd als Piet III. Pas later is dit aangepast naar Pierre I.
De Breuzelère organiseren midden jaren 50 (met zekerheid tussen 1954-1956) in februari grote wijnfeesten. De zaal van de Boerenleenbank is dan zo ingericht, dat men zich in Tirol of aan de Moezel waant, terwijl de Raad van Elf in Tiroler kledij gestoken is. In september 1954 maakt het carnavalscomité een trip naar Cochem aan de Moezel om daar deel te nemen aan een wijnfeest.
Op 6 februari 1955 wordt onder groot enthousiasme Antoon Peute uitgeroepen als Prins Antoon I. Antoon is geboren Venlonaar, en heeft volgens de Omroeper ‘vanuit zijn geboorteplaats zeker een goede en carnavalistische geest meegekregen’. De carnavalsoptocht trekt dit jaar via de Dorpstraat en Kommerstraat, via Hurpesch, Schweiberg en Dal terug naar de Dorpstraat om uiteindelijk op het Dorpsplein ontbonden te worden. Diezelfde carnaval belanden de Mechelse Raad van Elf met prins, prinses en gevolg in buurdorp Epen. Zij weten op bijzonder listige wijze Prins Geer I van CV der Vooseschtoets te schaken en deze naar Mechelen te ontvoeren. Zo belandt hij ‘s avonds in de residentie van Prins Antoon I en wordt met een ‘pistool’ in bedwang gehouden. De beide prinsen brengen intussen de avond in de beste verstandhouding door. Epen moet het enige tijd ‘prinsloos’ doen.
Op zondag 30 oktober 1955 houden de Breuzelère in de residentie café Kikken-Vluggen hun feestvergadering bij gelegenheid van de 10-jarige carnavalsviering na de bevrijding. Tijdens deze bijeenkomst wordt speciaal stilgestaan bij het trouwe inzet van Hein Meertens, die gedurende een decennium met grote toewijding en verantwoordelijkheidsgevoel de vaak uitdagende taak van penningmeester heeft vervuld. Daarnaast heerst er een bijzonder goede verstandhouding en vriendschap tussen De Breuzelère en Prins Antoon I. Verwacht wordt dat het nog niet eenvoudig zal zijn om afscheid van elkaar te nemen. Misschien blijkt dit wel helemaal niet nodig…
In veel Limburgse plaatsen wordt in november 1956 carnaval niet gevierd uit respect voor de slachtoffers van de Hongaarse Opstand, die bruut wordt neergeslagen door de Sovjet-Unie. De katholieke kerk en lokale gemeenschappen vinden het niet gepast om te feesten terwijl er zoveel menselijk leed is in Europa. Het Mechelse Carnavalscomité besluit het nieuwe carnavalsseizoen niet in 1956 te openen, maar dit uit te stellen tot in 1957.
Als Antoon Peute in 1957 voor de derde maal op rij de scepter over het land van de Mechel en de Geul zwaait, mag hij zich Vorst Antoon noemen. Mede dankzij Vorst Antoon kent de Raad van Elf een duidelijke opwaartse ontwikkeling. Datzelfde jaar wordt een prijs van 25 gulden uitgeloofd voor de ingezonden carnavalsschlager 1957, die door het publiek als de beste wordt gekozen. Deze prijs wordt beschikbaar gesteld door Vorst Antoon.
Bloemenkoninginnen
Tussen 1955-1966 maakt de jaarlijkse uitverkiezing van de Bloemenkoningin een vast onderdeel uit van het carnavalsviering. Elk jaar wordt uit de jonge dames van het dorp een koningin gekozen, die tijdens de carnavalsdagen bijgestaan wordt door haar hofdames. Op de betreffende avond kunnen de aanwezigen ten bate van De Breuzelère crêpepapieren bloemen kopen en deze schenken aan hun favoriete dame. Aan het einde van deze fleurige uitverkoop wordt de jonge vrouw met het grootste boeket uitgeroepen tot Bloemenkoningin. In 1955 zijn er drie gegadigden, waarvan uiteindelijk Lily Lindelauf-Peute, de dochter van de heersende prins, uitverkoren wordt. Mia Vluggen is in 1966 de laatste Bloemenkoningin van Mechelen. Het lukt in 1967 niet om een nieuwe koningin uit te roepen: verschillende meisjes die in aanmerking komen, stellen zich uiteindelijk niet beschikbaar. Bovendien heeft de Raad van Elf inmiddels besloten dat een bloemenkoningin deze erefunctie niet twee jaar achter elkaar mag uitoefenen.
| Bloemenkoninginnen | |||
| 1955 | Lily Lindelauf-Peute | 1961 | Maria Botterweck |
| 1956 | Fientje Kikken | 1962 | Riet Kikken |
| 1957 | Eugenie Ernes | 1963 | Annie Ploemen |
| 1958 | Fieny Savelberg | 1964 | Mia Volders |
| 1959 | Pauline van Loo | 1965 | Mia Volders |
| 1960 | Ria Mordant | 1966 | Mia Vluggen |
Een gevallen President en een bungelende Prins
Na drie jaar heerschap van Vorst Antoon wordt in 1958 Henk Hendriks geïnstalleerd als Prins Henk I. De prachtige scepter die hem aangeboden wordt en waarvan Vorst Antoon even tevoren afstand heeft gedaan, is door Antoon Peute zelf vervaardigd.
De regeerperiode van Prins Henk I wordt getekend door enkele onfortuinlijke momenten. Op de ochtend van carnavalsmaandag is de President met een tweetal hulpvaardige gezellen te voet onderweg voor de laatste inspectie van de prinsenwagen. Om uiteindelijk krachten te sparen, wordt de voorbijrijdende melkventer bereid gevonden om hen mee te nemen op zijn wagen. De president krijgt een zitplaats op de bok, de twee anderen mogen plaatsnemen in de bak tussen de melkflessen en -bussen. Tijdens de rit slaat het paard op hol. Het duo in de bak wordt bont en blauw gestompt door de zware melkbussen. Nadat al een van hen met een smak op het asfalt terecht komt, eindigt uiteindelijk de president zelf met de armen wapperend over de paardenrug heen met een sierlijke, natte duik in de Geul. Ondanks het onverwachte bad staat hij meteen weer vrolijk op en is hij klaar voor de rest van het feest.
’s Middags trekt de optocht door Mechelen. Aangezien Henk werkzaam is bij de Gulpener Bierbrouwerij bestaat de prinsenwagen uit een door twee paarden getrokken boerenwagen met daarop een supergroot bierglas Gulpener Dort. Om de prins boven het bouwsel te laten uitkomen hebben de wagenbouwers binnen in het imposante bierglas een ladder geplaatst. Er ontbreken wel een paar sporten, maar dat hoeft geen probleem te zijn, dat ziet toch niemand. Aangezien de route ‘um Hurpesch’ en via het Höfke terug naar het dorp leidt, is de optocht wel twee uur onderweg. Al die tijd staat prins Henk I boven op die wankele ladder. Bij de Helle zwaait zijne hooglustigheid iets te enthousiast naar zijn onderdanen, waardoor de bovenste sport van de ladder het begeeft en de prins in het bierglas naar beneden dondert. Boer Douven is zo behulpzaam om een lange plukladder uit te lenen zodat de prins de rest van de optocht weer boven de schuimkraag van het bierglas uitsteekt.
Eenmaal in het dorp aangekomen passeert de optocht ter hoogte van Hotel Brull een grote dikke treurwilg. De takken van deze boom reiken tot ver over de weg. De koetsier heeft echter niet in de gaten dat de prinsenwagen niet onder die boom door zou kunnen en blijft doorrijden, waardoor de Prins plotseling een dikke tak op zich af ziet komen. Om niet uit zijn bierglas gekatapulteerd te worden, klampt hij zich vast aan die tak. Hoe de prins uiteindelijk uit zijn benarde positie is bevrijd, vermeldt het verhaal helaas niet.
Auwwieverbals, kinderoptochten en hervormingen
In 1959 verschijnen in weekblad De Omroeper de eerste advertenties voor ‘Oude Wijvenbal’ in Mechelen: op dinsdag 3 februari in café In De Kroon van Jo en Mia Kikken-Hengsens, en op zaterdag 7 februari in café De Paardestal van Leo en Hanna Meentz-Loozen. In de daaropvolgende jaren zestig heeft bijna elke Mechelse lokaliteit haar eigen Auwwieverbal. In dit regeringsjaar van Prins Wiel I (Kikken) is ook de eerste kinderoptocht een feit.
- 23 bis 3×11 jaor (1961-1971)
Nieuwe impulsen
Op 29 januari 1961 treedt Frans Duijsings aan als Prins Frans II. Hij wordt dit jaar bijgestaan door zijn minister Theo Keulen en hofnar Adam Kool. De optocht op carnavalsmaandag heeft meer dan twee en een half uur nodig om de volledige route van ruim een kilometer lang af te leggen. Zowel de Prins als de Raad van Elf beschikken in deze periode afzonderlijk van elkaar over een eigen praalwagen.
Datzelfde kalenderjaar neemt Frans het presidentschap van Piet Meessen over. De officiële overdracht vindt plaats op de zitting, die vakkundig aan elkaar gepraat wordt door conferencier Hubert Lindelauf. Tot ieders verbazing wordt hij tijdens diezelfde avond geproclameerd tot prins. In februari benoemt Prins Hub I Piet Kikken tot zijn minister.
Onder de bezielende leiding van Frans, die met recht één der beste Presidenten mag worden genoemd, krijgt CV de Breuzelère een nieuwe impuls en groeit uit tot een vereniging waarop de gemeenschap Mechelen zeker trots mag zijn. De vereniging blijft gestaag aan haar imago werken en weet dit door een uitstekende samenwerking en vriendschap te bewerkstelligen.
Het jaar 1962 staat in het teken van de oprichting van een tanzmariechengroep. In april begint de werving van meisjes tussen 11 en 17 jaar, en in september wordt via een loterij geld ingezameld voor uniformen. Op 18 november 1962 treden deze Mechelse tanzmariechen voor het eerst op. Gedurende de voorafgaande maanden wordt het zestal Joke Lindelauf, Marian Lindelauf, Clara van Loo, Margriet Pappers, José Rompen en Wies Vluggen hiervoor deskundig opgeleid door Ria Bemelmans uit Sibbe.
Eerste gemeenteprins van Wittem
Tijdens carnaval 1963 trekt de vereniging voor het eerst naar het zusterklooster in Mechelen, waar de ouden van dagen met een bezoek te verblijd worden. Op initiatief van burgemeester Willem Merckelbach van Wittem nemen drie van de zes dorpen deel aan het uitroepen van de jaarlijkse Wittemse gemeenteprins. In 1963 mag Mechelen hierin het spits afbijten. ’s Zaterdags voor carnaval komen de carnavalsverenigingen De Breuzelère Mechelen, De Vooseschtoets Epen en De Öss Eys op het gemeentehuis bij elkaar, waar de nieuwe gemeenteprins door de burgemeester geïnstalleerd wordt. Zonder enige terughoudendheid overhandigt de burgemeester de macht aan prins Alphons I (Pappers), waarbij hem dan ook de sleutel van de vroegere Rijksheerlijkheid ter hand gesteld wordt. Deze sleutel is ontworpen en vervaardigd door Vorst Antoon Peute. Na al deze ‘plechtigheden’ wordt ‘burger’ Merckelbach benoemd tot ridder van het Mechels carnaval.
Het jaar daarop is Eys aan de beurt, daarna Epen. In 1965 is Wahlwiller voor het eerst aanwezig bij de Sleuteloverdracht. In 1969 is het trio Mechelen-Epen-Eys, door de oprichtingen van CV De Ülle in 1962 en CV De Boemelaire in 1964, inmiddels uitgegroeid tot een kwintet. Opvallend in dat jaar is dat de nieuwe burgervader, burgemeester Jan Ficq, de Wittemse hooglustigheden in het Limburgs toespreekt, hoewel hij hiervoor wel eerst nog in de ochtenduren dialectles van Breuzelère-opper Frans Duijsings krijgt.
De laatste gemeenteprins van Wittem in 1998 is namens CV der Vooseschtoets Epen de op Schweiberg wonende Raymond Vanderheijden.
| Mechelse gemeenteprinsen van Wittem | |||
| 1963 | Alfons I (Pappers) | 1984 | John I (Meentz) |
| 1968 | Sjef I (van Loo) | 1990 | Pascal I (Botterweck) |
| 1972 | Jan II (Kockelkoren) | 1996 | Ron I (Kikken) |
| 1978 | Hub II (Deguelle) | ||
De jeugd heeft de toekomst
Op 16 december 1963 ziet Jeugdcarnaval Mechelen in café Snakkers-Vincken het levenslicht. De Raad van Elf staat aan de wieg van dit comité; het is President Frans Duijsings die de oprichtingsvergadering in goede banen leidt. Besloten wordt dat een bepaalde wijk bij loting de jeugdprins krijgt toegewezen. Hiervoor wordt een centraal wijkcomité opgericht. Naast voorzitter Sjeng Poeth, secretaris Piet Vanhautem en penningmeester Math Loozen heeft het dagelijks bestuur van de Breuzelère zitting in dit comité. Na loting mag ‘Bovenste Hilleshagen’ in 1964 de eerste jeugdprins leveren. Als reserve wordt Schweiberg genomineerd.
Zilveren jubileum
In 1964 vieren de Breuzelère hun 25-jarig jubileum. Als schlager wordt de inzending van H. Simons op muziek van Jean Lindelauf gekozen, getiteld Ver dunt de zurg ins op ing zie. Als jubileumprins regeert dit jaar Jan Ernes als Prins Jan I. Het eerste weekend van februari 1964 is een vol carnavalsweekend. Tijdens de eerste jeugdzitting op zaterdag 1 februari worden als eerste jeugdhoogheden jeugdprins Jo I (Maas) en jeugdprinses Agnes (Prumpeler) uitgeroepen. Op zondagsmorgen worden op de tonen van de harmonie St. Cecilia de jubilerende Breuzelère met oprichters en oud-prinsen in hun residentie Snakkers-Vincken afgehaald en naar de kerk begeleid. Na de hoogmis is er een gezamenlijke koffietafel. In de middag is er een receptie in zaal Meessen-Budie, waar de nog in leven zijnde oprichters en oud-prinsen op feestelijke wijze worden gehuldigd. ’s Avonds wordt er een grote carnavalsjubileumzitting en bal gehouden. Opvallend detail is dat kapelaan Jan Reijnders een bezoekt brengt aan dit carnavalsgebeuren. De banvloek vanuit de kerk over carnaval wordt minder.
Zomercarnaval
Bij gelegenheid van het 130-jarig bestaan van Harmonie St. Cecilia Mechelen wordt in 1964 de eerste feestweek georganiseerd. De jubilerende Breuzelère wordt gevraagd om invulling te geven aan een van deze avonden. Op 25 juli verzorgen zij een carnavalistische bonte avond in de feesttent van de harmonie, zodat Mechelen voor het eerst zomercarnaval viert. Uiteindelijk wordt deze feestweek jaarlijks gehouden, waarbij de Breuzelère een avond organisatorisch voor hun rekening nemen. Tijdens deze uiteindelijk twaalfdaagse feestweek weten zowel regionale als landelijke artiesten hun weg naar Mechelen te vinden. In de loop der jaren zijn er optredens van onder andere Sandra Reemer, Imca Marina, buutreednerkampioen Pierre Cnoops en troubadour Frits Rademacher. Naast zang en buut bieden deze avonden de tanzmariechen een extra podium om te laten zien wat ze kunnen. Onder grote belangstelling vindt er jaarlijks in de feesttent een internationaal dansmariechentoernooi plaats. Conferencier Jan van Aerssen zorgt ervoor dat deze zomercarnavalsavonden in goede banen lopen.
De Bliksemloterij en het Vette Varken
De trekking vindt, met uitzondering tussen 2005-2008, steevast plaats in de residentie. De hoofdprijs blijft onveranderd het iconische vette varken. Na de eeuwwisseling blijft de benaming behouden, maar bestaat de daadwerkelijke prijs lange tijd uit een geldbedrag van 150 euro. Sinds 2017 wordt datzelfde waardebedrag weer op een traditionele maar eigentijdse manier ingevuld, namelijk in de vorm van varkensvlees afkomstig van Varkenshoederij Kuusj in Mechelen. De datum van de trekking verschuift in de loop der jaren enkele keren. Tot 1997 vindt zij traditioneel plaats op carnavalszaterdag. Van 1998-2004 wordt er direct na de Grote Optocht op carnavalsmaandag geloot. Sinds 2005 is de trekking verplaatst naar carnavalsdinsdag, als onderdeel van de festiviteiten rondom de uitverkiezing van d’r Teutevèger van ‘t jaor.
Mechelse Tanzmariechentoernooien
Op zondag 7 februari 1965 wordt voor de eerste keer aan een tanzmariechentoernooi deelgenomen. Een jaar later staat CV de Breuzelère op 30 januari 1966 garant voor de organisatie van het Internationaal Tanzmariechentoernooi in Mechelen. De Mechelse dansmariechengroep behaalt in november 1967 de eerste plaats op zowel het nationaal als het internationaal kampioenschap. In 1970 zet een nieuwe dansgroep haar eerste stappen.
Nieuwe tekens en nieuwe taken
Vanaf 1965 zwaait de nieuwe prins met een nieuwe scepter over het Breuzelèrerijk. Deze heersersstaf is ontworpen en vervaardigd door Theo Keulen, en wordt tot op de dag van de vandaag met trots, vreugde en eer gedragen. De bestuurssamenstelling wordt in 1966 hernieuwd. De secretariaatspost wordt eerst voor korte tijd ingevuld door Sjeng Rouschop, waarna Jan van Aerssen de functie overneemt. In diezelfde periode neemt Pierre Loozen het penningmeesterschap van Hein Meertens over.
Op carnavalsmaandag 1966 wordt tijdens de optocht bij de familie Géron op de Heerenhof een dochtertje geboren. Omdat de wagens van de vereniging daar al jaren gebouwd worden, brengt men een bezoek aan moeder en dochter Simone, die als petekind van de raad wordt opgenomen. De carnavalsvereniging biedt een spaarboekje aan.
In 1968 brengt de dansgroep met de harmonie op Koninginnedag een bezoek aan paleis Soestdijk. De groep bestaat op dat moment uit Margriet Pappers, Annet Rouschop, Finy Cobben, Wies Wenders, Monique Botterweck. Daarnaast vieren De Breuzelère dat jaar hun 30-jarig bestaansfeest, met als jubilarissen Pierre Loozen, die 2×11 jaar lid is, en Antoon Peute en de broers Piet en Jan van Aerssen, die alle drie 1×11 jaar deel uitmaken van de Raad. Ter gelegenheid van dit feest wordt een jubileumboekje uitgebracht.
Tijdens de regeerperiode van Prins Thijs I (Math. Lindelauf) en zijn Prinses Finy Ploemen wordt er een bezoek gebracht aan de zitting van de Waggelère te ’s-Gravenvoeren. Zodra vrijwel iedereen plaats heeft genomen, komt men tot de ontdekking dat de Prins en Prinses ontbreken. Dit geeft de nodige hilariteit: men heeft vergeten het Prinsenpaar op te halen, waarna besloten wordt om dat alsnog te doen.
3×11-jubileumjaar
Na het 25- en 30-jarig jubileum in 1964 en 1968 wordt in 1971 het eerste ‘11-jarige’ jubileum gevierd. In het regeerjaar van Prins Piet III (van Aerssen) wordt er op zaterdag 20 november ter ere van het 33-jarig bestaansfeest een receptie gehouden, met Jan van Aerssen als ceremoniemeester. Tegelijkertijd worden drie jubilarissen gehuldigd. Zilveren carnavalist is Pierre Loozen, die op dat moment 20 jaar secretaris is geweest en daarna 5 jaar de schatkist heeft beheerd. President Frans Duijsings en Theo Keulen zijn dan 11 jaar lid van De Breuzelère. Er zijn die avond ruim dertig carnavalsverenigingen, afgevaardigden van plaatselijke verenigingen en vele particulieren aanwezig. De drumband van de harmonie brengt een muzikale hulde.
Dankzij de hechte samenwerking en de warme kameraadschap groeit onze vereniging jaar na jaar verder uit. CV De Breuzelère heeft inmiddels, zeker de laatste jaren, naam weten te maken met het organiseren van carnavalszittingen. Terugkijkend worden de proclamaties en de optochten elk jaar beter en mooier. Kortom, CV De Breuzelère leeft!
- 34 bis 4×11 jaor (1972-1982)
Prinselijk begin, Vorstelijk afscheid
De jaren zeventig worden betrekkelijk rustig overbrugd. In 1972 begroet de vereniging gemeenteprins Jan II (Kockelkoren) en prinses Roos (Kikken). Dit markeert het begin van een lange staat van dienst, waarin zowel Jan als Roos jarenlang actief bijdragen aan het reilen en zeilen van de vereniging.
Op 22 mei 1972 overlijdt Vorst Antoon Peute, die van 1955 tot en met 1957 Prins van CV de Breuzelère en gedurende een vijftiental jaren een zeer gewaardeerd lid en groot stimulator van de vereniging is geweest. Zijn begrafenis vindt op vrijdagmorgen 26 mei onder grote belangstelling in Mechelen plaats. De leden van de Raad van Elf fungeren als slippendragers, terwijl de Prins en de President meelopen in de rouwstoet en de dansgroep een krans draagt. Op de kist ligt de muts van de overleden vorst. Tijdens de uitvaartdienst in de parochiekerk herinnert pastoor Joseph Bours aan de vele activiteiten en verdiensten van verenigingsman Antoon Peute.
Wagenbouw tussen 1972-2010
Verder markeert 1972 het begin van het huidige niveau van ontwerp en uitvoering van de prinsenwagen. Na het ontwerp gekozen te hebben, worden de schetsen die op de ontwerptafel liggen omgezet in een maquette op schaal, zodat het geheel visueel inzichtelijk wordt en alles nauwkeurig kan worden opgemeten. Deze traditie is begonnen door Jo Kockelkoren en wordt later voorgezet door Miechel Kockelkoren en Jan Hamers. Tijdens het daadwerkelijke bouwen van de Prinsenwagen wordt bij het toewijzen van taken gekeken naar ieders kwaliteiten: Jean Brauers en Hub Kockelkoren richten zich voornamelijk op het laswerk, terwijl andere wagenbouwers beter zijn in verven of in koffie zetten.
Het onderstel van deze wagen is gemaakt van een gesloopte nostalgische woonwagen afkomstig van het toenmalige kamp te Partij midden jaren zeventig. In 1981 wordt er een indrukwekkende driemaster op gebouwd. Deze wagen wordt als een van de mooiste wagens die de Breuzelère ooit hebben gemaakt beschouwd. Tijdens de opbouw op carnavalsmaandagmorgen valt plotseling door onverklaarbare omstandigheden een van de masten om en belandt op de arm van raadslid Ed Aussems. In eerste instantie denken zowel Ed als zijn collega-raadsleden dat het allemaal wel meevalt. Maar na een bezoek aan het De Weverziekenhuis blijkt zijn arm gebroken. Ed laat zich echter niet uit het veld slaan en maakt de nuchtere opmerking: ‘Dokter, ich hoap waal dat ich vör d’r aavang van d’r optocht teruk bin.’ Diezelfde carnaval wordt Prins Jo II (Horbach), als kapitein van het carnavalsschip, wijsgemaakt dat hij plaats mag nemen in het kraaiennest.
De wagen wordt in 1981 voor het eerst geduwd door een trekker. De wagencommissie vindt het namelijk niet mooi als de tractor voor de genoemde driemaster komt. Het geeft tijdens de optocht zo’n mooi effect en waardering van het publiek, dat het uiteindelijk de standaard wordt, hoewel de tractor in de eerste jaren nog wel eens voor de wagen is geplaatst. Tegenwoordig gebeurt het nog steeds op dezelfde manier.
Waar in de volgende jaren tachtig de Prinsenwagen bestaat uit grote vierkante bouwwerken als narrentempels en prinsenkastelen, is in het daaropvolgende decennium gekozen voor een andere invulling. Achterop bevindt zich een vast model in de vorm van de teut, dat steeds naar behoefte wordt aangepast, terwijl de overige figuren per jaar variëren. Aan de bouw van een Prinsenwagen werkt een vaste groep van ongeveer vijf personen zo’n twaalf weken. Pas wanneer de ontwerper tevreden is, krijgt de wagencommissie het sein om de finishing touch aan te brengen: de wagen wordt volledig afgewerkt met parketlak, waardoor de kleuren optimaal tot hun recht komen. Voor bouwmateriaal zoals rondijzer, karton, laselektroden, papier, plaksel, verf, lak en spuitbussen werd circa 1300 euro besteed, exclusief koffie, wafels en soep. Dit bedrag wordt grotendeels bijeengebracht door de jaarlijkse Bliksemloterij.
Het bouwen van de Prinsenwagen vindt plaats bij de familie Géron. Vroeger gebeurde dit in de ‘Tiendschuur’ van Boerderij de Heerenhof. Zodra deze schuur tussen 1986-1999 als raadszaal van de gemeente Wittem in gebruik wordt genomen, verhuist de werkplaats slechts een paar meter verderop, naar een van de aardappelloodsen bij de boerderijwinkel Géron van Norbert en Jenny Géron. Na 2010 wordt de Prinsenwagen niet langer door de vereniging zelf gebouwd, waarmee een bijzonder tijdperk in de Mechelse carnavalsgeschiedenis wordt afgesloten.
Tijdens het proclamatiespel van 1973 speelt een maanlander de hoofdrol, en die moet natuurlijk behoorlijk roken. In eerste instantie probeert men dit met wierook, geregeld via de koster, maar dat blijkt al snel veel te weinig effect te geven. Vervolgens wordt de hulp ingeroepen van schilder Pij Volders, die met een behangafstomer komt aandragen. Dat levert precies de juiste wolk rook op: ’t zjwaamde good. De maanlander komt overtuigend tot leven.
Kienavonden
Het organiseren van kienavonden behoort in de jaren zeventig tot de vaste activiteiten van bijna elke Mechelse vereniging. De Breuzelère en het Oranjecomité vormen daarop geen uitzondering. Zo worden in 1975 twee kienavonden georganiseerd, waarbij iedere avond prijzen ter waarde van 1000 gulden, waaronder diverse elektrische apparaten, worden uitgekiend. De entree bedraagt 2 gulden per kaart, of zes kaarten voor 10 gulden.
Belgische Bierpullen
Midden jaren zeventig brengen de Breuzelère een bezoek aan de zitting te ’s-Gravenvoeren, het Rijk van de Waggelère. Iedereen neemt plaats aan de gereserveerde tafels en wordt op wenk bediend van een consumptie. Na een paar drankjes valt het ons op dat Rob Botterweck de zijkant van het podium met argusogen in de gaten houdt. Natuurlijk vragen we ons af: wat is daar te zien? Al snel staat Rob op van zijn plaats, en ontdoet zich van al zijn waardigheden, zoals muts, en halsplaat, waarop President Frans Duijsings vraagt: ‘En Rob, wat is heij de bedoeling va?’ Rob antwoordt: ‘Dat zul d’r direk wel zieë.’
Hij loopt richting de zijkant van het podium en volgt de ober die via daar de zaal verlaat richting het keldergedeelte. Enkele ogenblikken later komt Rob terug met volgetapte stenen bierpullen Jupiler. De President en de overige raadsleden vragen: ‘En Rob, wie haste ‘m dat gelapt?’ Rob antwoordt laconiek: ‘Mè jonge, dat is gans mèkkelik. Doe lups ater dè ober aa, dè is jao in ’t zjwat jus wie ich och. Gees aagekome in d’r kelder in de reij sjtoa, ater dè ober, en besjtils zoeväol pulle este kins drage en ’t sjunne d’r va ’t kos och nog niks.’
Wat Rob echter niet weet, is dat de bierpullen alleen bedoeld zijn voor de eigen vereniging en de ereleden. Na de tweede ronde merkt de ober dat er iets niet klopt en is de pret voorbij.
Orde van Verdienste
De Breuzelère stellen in 1976 de Orde van Verdienste in, die wordt uitgereikt aan die Mechelenaar die zich in het afgelopen jaar in het bijzonder verdienstelijk heeft gemaakt voor het dorp. Dit jaar wordt op 10 januari deze onderscheiding voor het eerst toegekend, en wel aan Huub Possen i.v.m. het redden van een drenkeling, een op dat moment toekomstige prins. Deze Orde bestaat uit een plaquette en een bijbehorende oorkonde. In onze 8×11-jarige geschiedenis mocht slechts negen keer iemand de Orde van Verdienste ontvangen, een teken van uitzonderlijke inzet en betekenis voor ons dorp, onze vereniging en de Mechelse carnaval.
| Orde van Verdienste | |||
| 1976 | Huub Possen | 1988 | Nico Géron |
| 1978 | Johan Kikken | 1996 | Sjeng Poeth |
| 1982 | Lieske Horbach-Hustings | 2007 | Jo en Monique Scheepers-Moonen |
| 1984 | Geur Kikken | 2014 | Jan Kockelkoren |
| 1986 | Adolf Kockelkoren | ||
Carnaval is ook een uitgelezen uitlaatklep voor politieke kwesties. In voornamelijk de optochten en de liedjes kan men op luchtige wijze commentaar leveren op actuele gebeurtenissen. Zo wordt in de jaren zeventig en tachtig bijvoorbeeld het protest tegen de langdurige gemeentelijke herindelingsplannen geuit in de schlager ‘Wittem bliet Wittem’.
In 1979 heeft de vereniging een luxeprobleem. Er zijn namelijk twéé prinskandidaten, te weten Sjef Vincken en Sjef Vluggen. Dat het ’n Sjef wordt is vrijwel zeker, echter wie van de twee? Beiden gaan voor 1979. Er moet dus één gekozen worden. Na overleg wordt besloten om beide kandidaten bij elkaar te brengen ten huize van President Jan Kockelkoren. Zodra beide kandidaten elkaar ontmoeten en zien, zijn ze compleet verrast en roepen in koor: ‘Och, doe!’ Al snel wordt besloten wie het wordt: Sjef Vincken wordt Prins Sjef II in 1979 en Sjef Vluggen Prins Sjef III in 1980.
CV Dal en Bissekretzere en CV De Teutehèvere
Binnen de CV De Breuzelère bestaat In de jaren tachtig nog een carnavalsvereniging, bestaande uit Jean Brauers, Rob Botterweck, Thijs Lindelauf en Hub Kockelkoren. Zij noemen zichzelf CV De Dal en Bissekretzere, ook wel geschreven als De Dalbissekretzere en De Taalbissekretsere. Het presidentschap van deze pseudo-carnavalsvereniging wordt door Jean vervuld. Hun hoogste onderscheiding is de kretzer, een verfkrabber. Zij verzorgen tijdens de carnavalsdagen ook een zitting bij hotel Alpenzicht. Vanaf 1993 gaat CV De Dalbissekretzere verder onder de naam CV De Teutehèvere, waarvan onder anderen Jo Eijkenboom en Rig Kikken lid zijn.
Danssuccessen
Tijdens de in Venray gehouden Nederlandse kampioenschappen op zondag 9 maart 1980 behalen de Mechelse dansmariechen de Nederlandse titel in de afdeling Gardedans Senioren, en het vice-kampioenschap in de afdeling Showdansen. Op de Europese kampioenschappen van dat jaar in Aken eindigt het zestal als beste Nederlandse groep. Deze dansgroep, onder leiding van Stephie Pappers-Lodewick en onder begeleiding van raadsleden Jean Brauers en Ed Aussems, bestaat uit Elly Coenjaerds, Christa Delnoy, Andrea Rademacher, Annemie Vluggen, Dymphie Vluggen en José Zinken. Ter ere van deze behaalde prestaties wordt hen op 12 april 1980 in de residentie café Vaessen-Kicken een receptie aangeboden.
Een groot presidentieel verlies
In de aanloop naar het 44-jarig jubileum wordt op 27 maart 1981, kort na een goed verlopen carnaval, nog vrij plotseling afscheid genomen van President Frans Duijsings. Een treurig feit dat een schaduw legt over de festiviteiten in 1982. In het verdere verloop van de jaren tachtig wordt, ondanks dit grote verlies, eendrachtig aan de toekomst gewerkt. Jan Kockelkoren neemt de taak van President op zich en weet dit gedurende bijna twintig jaar op voortreffelijke wijze tot uitvoering te brengen. Hij wordt bijgestaan door secretaris Math Straat en penningmeester Pierre Loozen. Tijdens het 4×11-jarig bestaansfeest is Jan zelf 1×11-jarig jubilaris.
- 45 bis 5×11 jaor (1983-1993)
Een minister wordt prins
Tijdens de zitting op 8 januari 1983 wordt minister Hub Kockelkoren uitgeroepen als prins Hub IV. Als minister wordt hij opgevolgd door elvenraadslid Martin Botterweck. Daarnaast worden de ingekomen schlagers van 1983 gepresenteerd, waarbij het publiek bepaalt wie de winnaar wordt. De winnende schlager is Mechele-Mechele, met tekst van Marlie Hermsen en de muziek van Rinus Hermsen. Andere schlagers in de running zijn Loemele van vader en zoon Adolf en Jan Kockelkoren, en Het Wötske van Hub Steijns, Mathieu Lindelauf en Jan Kockelkoren.
Het duo Jakomali, bestaande uit Jan Kockelkoren en Math Lindelauf, zorgt in het begin van de tachtiger jaren voor de vrolijke noot met hun Mechelse carnavalsschlagers. In het regeerjaar van Gemeenteprins John I (Meentz) klinken de schlagers Went vèr schreeg op heem a gunt en ’t sjunste watste kins weade. Bij Prins Rig I laat het nummer Bis an der rand, kameraod van Math Lindelauf en Adolf Kockelkoren het publiek meezingen.
Socioproject Welterhof
De seizoensopening 1985-1986 staat in het teken van een twee uur durend non-stop carnavalsprogramma in de Welterhof, georganiseerd binnen het Socioproject Welterhof. Voor deze op 11 november gehouden revue-avond vertrekken twee bussen vanuit Mechelen: één bij Café A gen Pomp in het Bovenste Dorp en één bij Café-Zaal De Mechel in het Onderste Dorp. Het avondvullende programma biedt voor ieder wat wils, met schlagers van het Duo Jan-Thijs, imitaties van Nic Pleijers, een sprankelend mannenballet van de Dalbissekretzere en een gardedans van het danspaar Jill en Frank Waghemans.
Het danspaar Jill en Frank Waghemans
In de jaren tachtig zet een nieuw danspaar zijn eerste maar veelbelovende passen. Jill Waghemans begint in 1982 met dansen en haar enthousiasme werkt al snel aanstekelijk. Niet veel later weet zij ook haar broer Frank te overtuigen het avontuur met haar aan te gaan. Op de zitting van 1983 staat een solodans van Jill en een gezamenlijke dans van het danspaar Waghemans op het programma. Ook op nationaal en internationaal niveau laten Jill en Frank in maart 1983 al zien dat zij een bijzonder talentvol danspaar zijn door in vier wedstrijden steeds als tweede te eindigen. Hun succes blijft niet onopgemerkt en in zowel 1984 als 1985 worden zij meermaals kampioen bij de junioren. In 1986 maken zij de overstap naar de categorie dansparen senioren en bewijzen zij opnieuw hun klasse door zowel Nederlands als Europees kampioen te worden. Gezien het uitzonderlijke niveau van het danspaar besluit CV De Breuzelère in april 1986, op verzoek van de familie Waghemans en na zorgvuldig overleg met beide ouders, dat zij voortaan onafhankelijk en financieel zelfstandig zullen optreden. Wel blijven Jill en Frank onder de naam CV De Breuzelère aan toernooien deelnemen.
Vreugde en verdriet
Het einde van de jaren tachtig en het begin van de jaren negentig wordt met gemengde gevoelens waargenomen. Het is een periode vol vreugde, vriendschap en uitbundig feestgedruis, waarin de Breuzelère hun tradities met trots voortzetten. Tegelijkertijd kent deze periode ook momenten van stilte en verdriet, door het afscheid van geliefde leden en vrienden die het verenigingsleven jarenlang hebben gedragen. Zo staan lachen en tranen soms dicht bij elkaar.
Op de prinsenzitting van 1985 wordt afscheid genomen van Jan van Aerssen, die zo’n twee decennia de carnavalsvieringen als conferencier heeft geleid. Hij zet er om gezondheidsredenen een punt achter.
In de Omroeper van 5 december 1986 maakt CV de Breuzelère bekend dat haar kandidaat-prins 1987 wegens dringende en begrijpelijke redenen zijn kandidatuur intrekt. Dit betekent dat in een kort tijdsbestek een nieuwe kandidaat moet worden gevonden, aangezien de zitting gepland staat op 10 januari 1987. Gelukkig lukt het de Breuzelère om een waardige kandidaat te vinden. Die zaterdagavond presenteert de vereniging trots haar nieuwe hoogheid: Prins Hub V (van Wersch), klaar om het Breuzelèrerijk te leiden door een onvergetelijk carnavalsjaar. Daarbij wordt Piet van Aerssen dit jaar in het zonnetje gezet ter gelegenheid van zijn 33-jarig jubileum.
En een onvergetelijk carnavalsjaar wordt het zeker, want wat voor elke wagenbouwer een nachtmerrie is, wordt werkelijkheid bij de bouw van de prinsenwagen van Prins Hub V. Amper twee weken voor carnaval vliegt tijdens laswerkzaamheden de wagen in vlammen op. Huilen en lachen gaan hand in hand, met een ‘ne jonge klaore als troost. Daarna is het alle hens aan dek en worden de mouwen flink opgestroopt om de prinsenwagen toch op tijd klaar te krijgen.
Om de optocht van 1989 attractief te houden voor zowel deelnemers als kijkers, wordt er een kleine aanpassing gedaan. Aan het einde van de optocht volgt een defilé ter ere van Prins Math en Prinses Elly, de Mechelse jeugdhoogheden Prins Etienne I (Hochs) en Hofnar Frans (Vanderheijden), en gemeenteprins Al I van de Baagratte.
Nieuwe Gemeenteprins, Nieuwe Vorst
In 1990 is Mechelen opnieuw aan zet om de gemeenteprins van Wittem te leveren. Daarom vindt de prinsenproclamatie al plaats op zaterdag 11 november 1989. In aanwezigheid van alle carnavalsverenigingen van Wittem en burgemeester Janssen met de wethouders Baenen en Mulleneers, worden Pascal Botterweck en Angella Vandebergh uitgeroepen tot nieuwe heersers over de Heerlijkheid Wittem. Daarmee is Pascal de vierde prins in Mechelen die voortkomt uit het Mechelse Botterweck-geslacht: respectievelijk Johan, Rob en Ansel zwaaiden al eens eerder de scepter over het Breuzelèreriek. Bij de Valkenburgse Mirlitophile regeert in 1968 Fer Botterweck als prins Fer I over Valkenburg.
Pierre Loozen draagt in 1988 na 22 jaar en 11 dagen het penningmeesterschap over aan Peter Lindelauf. Als twee jaar later het heugelijke feit aandient dat Pierre zijn 44-jarig lidmaatschap bij CV de Breuzelère viert, wordt hem tijdens een galazitting op 13 januari 1990, uit dankbaarheid voor de vele werkzaamheden die hij voor de vereniging heeft verricht, de titel van Vorst toegekend.
Tijdens de Sleuteloverdracht en carnavalistische raadszitting op het op de Heerenhof gelegen gemeentehuis wordt Prins Pascal geïnstalleerd als gemeenteprins van de Heerlijkheid Wittem. Na zijn installatie overhandigt hij CV De Breuzelère een nieuwe presidentiële scepter. ’s Avonds volgt een receptie in De Mechel, ter ere van de nieuwe gemeenteprins, zijn prinses, en de jubilerende Vorst Pierre Loozen.
De grote optocht van carnavalsmaandag 1990 dreigt in het water te vallen door het slechte weer. Terwijl in veel Mergellandse dorpen de optocht wordt uitgesteld of zelfs helemaal afgelast, besluiten Mechelen en Epen het erop te wagen. In overleg met de politie wordt de optocht slechts één uur uitgesteld, met een ingekorte route en enkele noodmaatregelen om de veiligheid te waarborgen. Uiteindelijk trekt de stoet toch nog met succes door de straten, tot grote opluchting van deelnemers en publiek. Bij de ontbinding ontvangt Paul Curver, wachtmeester bij de Rijkspolitie, een onderscheiding van CV De Breuzelère als dank voor zijn inzet en zijn weersvoorspelling, die gelukkig juist bleek.
Nieuw bestuur
In diezelfde periode ondergaat het bestuur enkele wijzigingen. Mathieu Lindelauf neemt in 1990 het voorzitterschap over van Hub Kockelkoren, terwijl John Rademacher Mathieu opvolgt als secretaris. Daarnaast wordt het bestuur versterkt met Hub van Wersch als tweede secretaris en Greg Kikken als tweede penningmeester, beiden eveneens sinds 1988 actief in hun functie.
In het carnavalsseizoen 1990-1991 krijgen de Mechelenaren de gelegenheid om zelf een carnavalschlager te componeren. Niet alleen de tekst, maar ook de muziek moest volledig eigenhandig worden gemaakt. De inzendingen worden beoordeeld door de raadsleden Jan Kockelkoren, Jo Eijkenboom en Mathieu Lindelauf, in die tijd in Mechelen beter bekend als de Jajomas. Het seizoen kent echter een droeve aanvang: op 26 november 1990 overlijdt het gewaardeerde lid Piet van Aerssen, die meer dan 33 jaar lang een vertrouwd en betrokken gezicht binnen de vereniging was.
Daarnaast staat Mechelen dit seizoen voor een andere uitdaging. Door de gespannen internationale situatie rond de Golfoorlog wordt in Mechelen besloten dat de kinderoptocht en de grote optocht wél zouden doorgaan, maar onder strikte voorwaarden. Uitbeeldingen van de golfcrisis zijn nadrukkelijk verboden. Deelnemers die dit negeren, worden zonder uitzondering van deelname uitgesloten. Om ongelukken te voorkomen wordt verder medegedeeld dat er tijdens de optochten geen snoepgoed of reclameartikelen mogen worden uitgegooid. Ook het overdadig strooien met papier en kranten wordt afgeraden: wil men het papier kwijt, dan kan men dat ook slijten aan de harmonie!
5×11-jubileumjaar
In 1993 viert CV De Breuzelère het 5×11-jarig bestaansfeest. Op 9 januari vindt in zaal De Mechel de jubileumzitting en prinsenproclamatie plaats, een avond vol zang, dans, buut, parodie en muziek. Bovendien wordt Jan Kockelkoren geëerd als 2×11-jarig jubilaris. De schlager die de Raad van Elf dit jaar ten gehore brengt, 3 daag lank, is zowel tekstueel als muzikaal van de hand van John Rademacher. Aan het einde van een zeer geslaagde avond volgt na het proclamatiespel, dat via een jaarklok de geschiedenis van afgelopen 55 jaar de revue laat passeren, de officiële uitroeping van Jubileumprins Hub VI (Hounjet). Op 30 januari wordt het jubileum verder gevierd met een feestelijke dag vol traditie en gezelligheid. Na een H. Mis trekt het gezelschap onder muzikale begeleiding van de Harmonie een korte rondgang door het dorp. Vervolgens wordt er in residentie café A gen Pomp met oud-prinsen genoten van een Limburgse koffietafel, waarna een feestelijke receptie en een avond vol vrolijk samenzijn de dag afsloten.
Op 1 juni 1993 overlijdt President-Voorzitter Mathieu Lindelauf. Een groot verlies, niet alleen voor CV de Breuzelère, maar voor de gehele Mechelse gemeenschap. Het president-voorzitterschap wordt overgenomen door Jan Kockelkoren.
- 56 bis 6×11 jaor (1994-2004)
Jubilarissen, Madam Tussauds en een verloren bondsmedaille
In de jaren negentig is er vooral op bestuurlijk en organisatorisch gebied behoorlijk aan de vereniging gesleuteld. Feiten die niet altijd zichtbaar waren voor de Mechelse bevolking maar die wel noodzakelijk waren voor het goede reilen en zeilen van de vereniging.
Het regeringsjaar van Prins Paul I (Simon), zoon van oud-jubileumprins Hub III uit 1982, en zijn Prinses Chantal (Tychon) kent twee noemenswaardige feiten. Op carnavalszondag 1994 wordt bij huize Kockelkoren de jeugdprins afgehaald, waardoor President Jan Kockelkoren trots zijn zoon, Jeugdprins Dennis I, mag toespreken voordat de jeugdoptocht vertrekt. De optochtroute op maandag kent door het uitvallen van de Commandeurstraat een alternatieve route. Op een gegeven moment is de Hoofdstraat ‘dubbel bezet’, waardoor een echt straatcarnaval losbarst.
In de daaropvolgende jaren staat de vereniging in 1995 onder meer stil bij het jubileum van Rob Botterweck, die 2×11 jaar lid is. Bij de opening van het nieuwe seizoen proclameert CV De Breuzelère op zaterdag 11 november de nieuwe gemeenteprins van de Heerlijkheid Wittem. Tijdens het proclamatiespel wordt de nieuwe heerser door Madam Tussauds letterlijk in de juiste vormen gekneed, waarbij er zelfs een motorzaag aan te pas komt. Hierna worden Ron Kikken en Sandra Houben officieel uitgeroepen als Gemeenteprins Ron I en Prinses Sandra.
Een nieuwe traditie wordt in gang gezet met het eerste vernieuwde prinsenbal, door de Breuzelère op 7 januari 1996 in residentie café De Paardestal georganiseerd. Er is vrije entree en om tijdig de innerlijke mens te verzorgen is er ook een eetbuffet aanwezig. In februari is er na de Sleuteloverdracht op de receptie van Gemeenteprins Ron I en Prinses Sandra ook gelegenheid om drie jubilarissen te feliciteren. Jean Brauers bereikt de mijlpaal van 2×11 jaar lidmaatschap. Greg Kikken en Jo Eijkenboom zijn beiden goed voor 1×11 jaar trouwe inzet. Allen worden onderscheiden met een BCL-dienstorde. Dat niet iedereen even lang van deze onderscheiding van de Bond van Carnavalsverenigingen in Limburg heeft kunnen genieten, blijkt uit oproep die na de carnavalsdagen in De Omroeper verschijnt. Jubilaris Greg is namelijk op carnavalsdinsdag in café De Paardestal zijn bronzen medaille kwijtgeraakt en men wordt vriendelijk verzocht om deze onderscheiding bij hem terug te bezorgen.
Het daaropvolgende jaar bereikt Peter Lindelauf niet alleen zijn 1×11-jarig lidmaatschap, maar mag bovendien terugkijken op 1×11 jaar trouw penningmeesterschap. In 1998 is het Huub van Wersch die tijdens de zitting zijn 1×11-jubileum viert. Diezelfde avond worden ook de nieuwe ‘mutsen’ officieel in gebruik genomen. Daarbij wordt benadrukt dat deze aanschaf zonder de financiële steun van de Mechelse bevolking niet mogelijk is geweest.
Op 15 juli 1998 heeft carnavalistisch Mechelen afscheid moeten nemen van Vorst Pierre Loozen. Door zijn carnavalsvereniging De Breuzelère is hij naar zijn laatste rustplaats begeleid. Vorst Pierre heeft CV De Breuzelère gedragen en gemaakt. Behalve de voorzittersfunctie heeft hij alle bestuursfuncties meegemaakt. Niet alleen dat, maar veel meer het feit dat Pierre de vereniging door de slechte tijden heeft geloodst, maakte hem de Vorst van de vereniging. Hij was een Carnavalist in hart en nieren en een bekende in de hele regio.
Vanaf 1999 wordt een nieuw hoofdstuk aan de tradities van de Breuzèlere toegevoegd. Vanaf dit jaar gaan zij op 11 november naar Keulen om de officiële opening van de Rheinische Karneval in het hart van Domstad mee te maken.
De millenniumprins
Terwijl de wereld nog nageniet van de eeuwwisseling, klinkt in Mechelen het tromgeroffel voor een nieuw carnavalshoofdstuk. Op zaterdag 8 januari 2000 vindt in zaal De Mechel een geslaagde zitting plaats. Tijdens deze avond genieten de aanwezigen van optredens van diverse Euregionale buuttereedners, en van de presentatie van de nieuwe schlager, Loemele. Het is Emile Vanderheijden die de eer krijgt om als Millenniumprins Emile I het nieuwe carnavalsmillennium in te luiden.
Traditie in beweging
Om iedereen de gelegenheid te bieden om de nieuwe prins persoonlijk te feliciteren, besluit de Raad van Elf vanaf 2001 om een week na de zitting een receptie met prinsenbal te houden. Uit het verleden is namelijk gebleken dat het feliciteren na afloop van de zitting te lang duurt, en de Breuzelère geen mogelijkheid hebben voor uitwisseling met andere verenigingen.
Vanaf 2001 brengen de Breuzelère en de Breuzelèèrkes jaarlijks de gezamenlijke CD Mechelder Carnaval uit. De Breuzelère leveren onder andere Loemele en Wat mot ich noe doeë. Oude carnavalsschlagers zoals Gikker Heuntje hat ‘ne Haan en het Mechels volkslied Os Mechele (Versjaole tusje berg en busj), met tekst van Adolf Kockelkoren en muziek van Mathieu Lindelauf, worden in deze periode uit de oude muziekdoos gehaald, en ondergaan een ‘oppoetsbeurt’. De Breuzelèèrkes vullen de CD aan met onder andere Sjit en De Deuze.
Op de zitting van 2002 is er vanwege de invoering van de euro een ‘Wechselstube’ om gemakkelijk de vertrouwde guldens om te zetten in de nieuwe valuta. Met het toetreden van Kelly Franssen als lid van CV De Breuzelère heeft de vereniging weer een eigen dansmariechen.
Jan Kockelkoren draagt na twintig jaar het presidentschap over aan Math Vanhautem.
Eerste Mechelse gemeenteprins van Gulpen-Wittem
Door de bestuurlijke samenvoeging van de gemeentes Gulpen en Wittem ontstaat in 1999 de nieuwe gemeente Gulpen-Wittem. Dit brengt ook veranderingen met zich mee voor de carnavalsverenigingen. In de voormalige gemeente Wittem was het gebruikelijk dat elk kerkdorp met een grote carnavalsvereniging jaarlijks om beurten de gemeenteprins leverde. Na de fusie vinden meerdere overleggen plaats tussen het bestuur van de GKGW (Gezamenlijke Karnavalsverenigingen Gemeente Wittem) en vertegenwoordigers van de carnavalsverenigingen uit Gulpen. Uit deze gesprekken blijkt dat het concept van de gemeenteprins behouden blijft. De afkorting GKGW blijft bestaan, maar wordt omgedoopt naar Gezamenlijke Karnavalsverenigingen Gulpen-Wittem. Er wordt een nieuw roulatieschema opgesteld, dat aanvankelijk als volgt uit ziet: Wahlwiller, Wijlre, Partij, Nijswiller, Mechelen, Gulpen, Eys en Epen.
In 2003 is Mechelen aan de beurt om de gemeenteprins van Gulpen-Wittem te leveren. De eerste Mechelse gemeenteprins van deze nieuwe gemeente wordt gevonden in Geert Wierts. Vanaf dit jaar fungeert Huub van Wersch als minister. Deze post heeft hij tot en met 2008 met veel plezier uitgedragen. Op 12 januari 2003 krijgt Geert I tijdens het prinsenbal in Mechelen een gloednieuwe carnavalsketen omgehangen door burgemeester Wil Geraedts. Hiermee komt er een einde aan een periode van vier jaar waarin de gemeenteprinsen geen officiële keten hadden. De komst van de keten heeft op zich laten wachten, omdat het gemeentewapen van Gulpen-Wittem pas het voorgaande jaar is vastgesteld. Dit wapen vormt het middelpunt van deze keten. Op de achterkant staan de veertien (jeugd)carnavalsverenigingen van Gulpen-Wittem vermeld. Christine Mullenberg, secretaresse van de burgemeester, had de taak om een geschikte keten te laten maken. Ze liet zich inspireren door de carnavalsketens van Heerlen en Maastricht en koos voor een ontwerp dat lijkt op oud-zilver, maar in werkelijkheid is gemaakt van geoxideerd messing. De keten bestaat uit negentien schildjes, waarop de namen van de gemeenteprinsen en hun regeringsjaren gegraveerd worden. Het aantal schildjes zorgt ervoor dat de keten geschikt is voor prinsen van verschillende posturen.
| Mechelse gemeenteprinsen van Gulpen-Wittem | |||
| 2003 | Geert I (Wierts) | 2018 | Robbert I (Dautzenberg) |
| 2011 | Willem I (Rompen) | ||
6×11-jubileumjaar
In het jubileumjaar 2004 wordt Jan Kockelkoren gehuldigd in verband met zijn 3×11-jarig lidmaatschap. Als dank voor zijn inzet als President en het werk dat hij voor de vereniging verrichte, wordt Jan de titel van Vorst toegekend. De jubileumschlager van Vorst Jan is dit jaar toepasselijk getiteld Zes Maol Illef. Daarnaast debuteert de in 2003 opgerichte dansgroep Sensation op deze zitting. Haar tweede optreden is enkele weken later op de jeugdzitting.
- 67 bis 7×11 jaor (2004-2015)
Vergrijzing en verjonging
De Breuzelère kennen in het nieuwe millennium verschillende ups en downs. Het aantal leden daalt van 18 leden in 2004 tot 10 leden in 2011. Door tegenvallende opbrengsten gaat het financieel ook niet al te best. Hoog tijd om actie te ondernemen! Door de geweldige financiële steun van een aantal ondernemers en de mogelijkheden in de nieuwe gemeenschapszaal A gen Sjoeël is het mogelijk om uit de financiële zorgen te komen. Omdat de vergrijzing heeft toegeslagen is de vereniging tevens toe aan verjonging. Door het introduceren van aspirant-leden is de vereniging daarom sinds 2012 uitgebreid met maar liefst zes jonge enthousiaste leden: Jordy Simon, Jens Kikken, Sjuul Lenssen, Ramon Loozen, Christian Nievelstein en André Peelen. De Breuzelère weten hierdoor ook deze keer weer uit een diep dal te komen, maar kunnen nu gelukkig stellen dat het 7×11-jarig jubileum gevierd kan worden met een gezonde enthousiaste vereniging in 2015.
Teutevèger van ’t jaor
Sinds 2005 wordt in Mechelen op carnavalsdinsdag de verkiezing van de teutevèger van ’t jaor georganiseerd. Dit initiatief, op verzoek van de Mechelse kasteleins genomen door CV De Breuzelère en JCV De Breuzelèèrkes, is een reactie op de succesvolle verkiezing van de Limburgse carnavalsvierder van het jaar in Gulpen. Met lede ogen ziet men namelijk rond de eeuwwisseling steeds meer carnavalisten uit omliggende dorpen naar Gulpen trekken, waardoor de cafés en zalen in Mechelen en omgeving leeg blijven. Met de verkiezing wil CV De Breuzelère de carnaval in het eigen dorp (be)houden. Aanvankelijk kunnen alle inwoners van Mechelen deelnemen door kandidaten te nomineren via inschrijfformulieren. De enige voorwaarde voor deelname is dat de kandidaat uit Mechelen afkomstig moet zijn. De gegadigden presenteren zichzelf in de feesttent op het Dr. Janssenplein, waarna er door de Mechelse bevolking een winnaar gekozen wordt.
Vanaf 2007 kiezen de twee carnavalsverenigingen beurtelings en in samenspraak met elkaar uit een lijst genomineerden. Hierbij wordt gekeken naar de verdiensten en bijdragen die de betreffende persoon dan wel personen aan Mechelen en de Mechelse carnaval heeft geleverd. Sinds 2008 vindt de verkiezing plaats in de desbetreffende residentie van dat jaar. Inmiddels is deze onderscheiding al negentien keer uitgereikt.
| Teutevèger van ’t jaor | |||
| 2005 | Dennis Kockelkoren | 2015 | Hub Volders |
| 2006 | Egid Hensgens | 2016 | Bert Dautzenberg |
| 2007 | Marjolein Quodbach | 2017 | Johnny Coenjaerds |
| 2008 | John Meentz en Hans Kikken | 2018 | Hub Vrusch |
| 2009 | Annie Kikken-Botterweck | 2019 | Willem Horlings |
| 2010 | Jan Hamers (postuum) | 2020 | Hub Tychon |
| 2011 | Nico Ernes | 2023 | Hub Kockelkoren |
| 2012 | Greg Kikken | 2024 | Andrea Kikken-Rademacher |
| 2013 | Norbert Géron | 2025 | John Lenssen |
| 2014 | Jan Cox | ||
Een prins die bijna zijn eigen proclamatie mist
Aan het begin van de eeuwwisseling doet het digitale tijdperk zijn intrede. De eerste website is een feit en e-mail wordt het nieuwe communicatiemiddel. Mobiele telefoons zijn in opkomst maar nog slechts een enkeling heeft een mobieltje. Dit leidt destijds tot de volgende situatie. Met het aanstaande prinsenpaar is afgesproken dat zij thuis op enig moment een telefoontje krijgen met het tijdstip waarop zij zich op een afgesproken plaats, onafhankelijk van elkaar, moeten melden.
Eerst wordt de prinses opgewacht en via een garagepoort naast Zaal De Mechel naar een daarvoor bestemd kleedlokaal geleid waar zij zich alvast kan omkleden. Een kwartiertje later is de prins aan de beurt. Ook hij wordt opgevangen met de aanwijzing: ‘Naeve d’r zaal is ing poat. Gank dao sjtillekes nao binne, da kaom ich dich dò geliek haole.’
Als het moment van de prinsenproclamatie bijna is aangebroken, gaan twee leden van de Raad van Elf de prins ophalen. Echter, in de aangewezen garage is niemand te bespeuren! Goede raad duur. De prins heeft ook niet de prinses al opgezocht, want in het kleedhok zit alleen een eenzame prinses die van de mededeling ‘D’r prins is voet’ totaal overstuur raakt.
Het programma van de zitting wordt wat in de lengte gerekt en de zoektocht naar de prins wordt uitgebreid. Eindelijk horen ze na enige tijd speuren en zoeken een zacht stemmetje: ‘Hallo, hallo, is dao inge?’ Wat blijkt: de aanstaande prins is een verkeerde poort binnengestapt. Binnen is het aardedonker. Hij heeft geen idee waar hij zich bevindt, hij weet alleen ‘Ze komen me zo meteen ophalen.’
Nadat de prins in zijn pak is gehesen en de prinses een beetje is gekalmeerd, kan de prinsenproclamatie alsnog doorgaan. De aanwezigen zijn blij verrast met het nieuwe prinsenpaar. Het is een goed bewaard geheim gebleken. Dat de prins enige tijd zoek was, heeft niemand gemerkt.
Opper-Breuzelère
Bij zijn 3×11-jubileum in 2006 wordt Rob Botterweck als dank voor zijn jarenlange inzet benoemd tot Opper. In de jaren daarna krijgen ook Greg Kikken, Math Vanhautem en Peter Lindelauf deze eervolle titel toegekend.
Joemmie sjtivvele
Een andere memorabel moment is het optreden van de band D’r Letste Sjrai Va Mechelen op de zitting in 2009. Raadsleden Rob Botterweck, Jo ‘Boem’ Horbach, Hub Hounjet en Geert Wierts parodiëren D’r Letste Sjrai uit Kerkrade, en brengen onder andere het nummer De joemmie sjtivvele ten gehore.
Verlies van Jan Hamers
In 2009 worden de Breuzelère geconfronteerd met het plotselinge overlijden van Jan Hamers. Jan ontwierp vanaf 1991 met hart en ziel onder andere de prinsenwagens en de aankledingen voor het podium. Bij zijn ontwerpen, die zowel voor de Breuzelère als voor de Breuzelèèrkes beschikbaar waren, hanteerde hij twee principes: de basis van zijn wagen werd altijd gevormd door een ‘mooi figuur’. En daar werd dan een speelse grap aan toegevoegd. Hierin kon de creatieve en kleurrijke Jan veel inspiratie en ideeën kwijt. Zijn ideeën vertrouwde hij toe aan zijn handen en die maakten wat hij bedacht had. Carnaval was een deel van zijn leven. Het is dan ook ‘zijn’ carnavalsvereniging, inclusief Prins en Prinses, die Jan gezamenlijk en in vol ornaat naar zijn laatste rustplaats begeleidt. De Breuzelère dragen Jan nog altijd mee in hun hart.
Nieuwe steken en nieuwe gemeenschapszaal
De steken van de Raad van Elf blijken in oktober 2007 zodanig verouderd, dat ze niet meer representatief geacht worden. Er wordt een begunstigers- en sponsoractie opgezet om nieuwe mutsen aan te schaffen. Hiervoor worden vijf sponsorpakketten aangeboden: Elvenraadsmuts-pakket (25 euro), Ministermuts-pakket (50 euro), Oppermuts-pakket (100 euro), Presidentmuts-pakket (150 euro), Vorstmuts-pakket (250 euro of meer). Hierbij geldt: hoe hoger de donatie, hoe meer extraatjes je ontvangt. Voor diegenen die het Vorstmuts-pakket afnemen, is er op zaterdag 19 april 2008 een Mechelse gala-avond vol entertainment, dans, gratis drank en diverse hapjes. Een jaar later, op 25 april 2009, volgt opnieuw een gala-avond. Voor 99 euro genieten de gasten van een culinaire avond vol amusement, met een gracieuze ontvangst met champagne, een viergangenmenu en optredens van diverse artiesten, gevolgd door een afterparty.
De al langer spelende perikelen rond een gemeenschapszaal beginnen omstreeks 2007-2008 duidelijk voelbaar te worden. Zaal De Mechel wisselt in deze periode regelmatig van eigenaar dan wel huurder, waardoor de verenigingen geen zekerheid geboden kan worden. In 2007 ‘redden’ Jo en Monique Scheepers-Moonen de Mechelse verenigingen door tijdens de carnavalsdagen belangeloos Zaal De Mechel opnieuw te openen. Ook tijdens carnaval 2008 is de zaal gewoon open om de ontbinding van de optocht op zondag soepel te laten verlopen en om het grote aantal toeschouwers op maandag goed op te vangen.
In 2013 verhuizen de carnavalszittingen van CV de Breuzelère en JCV de Breuzelèèrkes naar de gymzaal van de basisschool, die op dat moment nog niet verbouwd is. Om de zaal geschikt te maken en om te toveren tot een volwaardige feestlocatie, worden er gehuurde podiumelementen opgebouwd. In de zomer volgt de realisatie van de Brede Maatschappelijke Voorziening en in november 2013 vindt de opening van zaal A gen Sjoeël plaats.
Met de tijd mee
Vanaf 20 november 2012 beschikken de Breuzelère over een eigen Facebook-pagina, waarmee het verenigingsnieuws ook digitaal een groter publiek bereikt. Die online aanwezigheid wordt in december 2022 verder uitgebreid met een Instagram-pagina. In november 2025 worden alle muzikale registers opengetrokken en verschijnt er een Spotify-playlist van CV De Breuzelère.
7×11-jubileumjaar
Het 77-jarig jubileumjaar van de Breuzelère begint op 11 november 2014. Enkele dagen later, op zondag 16 november, openen ze zoals gebruikelijk het carnavalsseizoen met een plechtige H. Mis en een rondgang langs de Mechelse lokaliteiten. Twee weken daarna volgt hun jubileumreceptie en het -bal, waar verleden en toekomst samenkomen in de echte Breuzelère-geest. Naast de jubilerende vereniging worden er die avond drie jubilarissen in het zonnetje gezet. Jo Horbach en Hub Hounjet zijn beiden 2×11 jaar lid en Vorst Jan Kockelkoren is zelfs 4×11 jaar lid. Uit waardering wordt Vorst Jan voor zijn buitengewone inzet onderscheiden met de Orde van Verdienste. Daarnaast wordt er op ludieke wijze de Jubileum Pin-Up kalender gepresenteerd, een speciale verjaardagskalender met pikante foto’s van de Breuzelère, die in een beperkte oplage te koop is bij A gen Vogelstang.
Tijdens de jubileumzitting op 10 januari 2015 presenteert Vorst Jan zijn jubileumschlager Ver viere durch. Verder wordt er voor het eerst een Prinsenkwartet geproclameerd, bestaande uit prins Jordy I (Simon), prinses Lidwine (Douven) en ministers Dylan (Simon) en Gidion (Douven).
Nieuwe tradities
De Breuzelère is een carnavalsvereniging die probeert vast te houden aan tradities, maar ook innovatieve uitdagingen niet uit de weg gaat. Vanaf 2014 reikt de vereniging de seizoensorde uit, en in het jubileumjaar 2015 trekt op zaterdagavond 14 februari voor het eerst de Lempkesoptocht, in samenwerking met carnavalsgroep de Koaver, door de straten van Mechelen. De aanrijroute is via de Eperweg, en op de Hurpescherweg wordt opgesteld. Om 20.11 uur vertrekt de optocht via de Bommerigerweg, Commandeurstraat, Hoofdstraat, Dr. Janssenplein, Mr. Beukenweg, Bommerigerweg, Burg. Pappersweg naar het Dr. Janssenplein, alwaar de ontbinding plaatsvindt. Er worden diverse prijzen toegekend aan de groepen met de beste presentatie.
Nog een nieuwigheid tijdens carnaval in Mechelen is de route van de grote optocht op maandag. Op verzoek van diverse deelnemers is de route uitgebreid en ziet er als volgt uit: Opstellen om 13.30 uur op de Hilleshagerweg. De optocht vertrekt om 14.11 uur via de Hoofdstraat, Meester Beukenweg, Bommerigerweg, Burg. Pappersweg, Hoofdstraat, Commandeurstraat, Burg. Pappersweg naar het Dr. Janssenplein alwaar ontbinding zal plaats vinden. Na de ontbinding vindt het ‘Carnavalsknalluh’ plaats op het Dr. Janssenplein. Na de optocht mogen alle groepen zich met hun wagen presenteren met eigen dans en muziek op het plein. Het Prinsenkwartet beoordeelt dit gebeuren en kent prijzen toe aan de groepen met de beste presentatie, beste muziek en mooiste kostuums.
- 78 bis 8×11 jaor (2016-2026)
Nieuwe vitaliteit
In de eerste jaren van dit nieuwe tijdperk ligt de focus op het versterken van de fundamenten en het doorgeven van het stokje aan de jongere generaties. In 2016 Jo Horbach neemt vanwege gezondheidsredenen afscheid van zijn actieve lidmaatschap. Als blijk van waardering wordt hij erelid van de vereniging. Tegelijkertijd worden Wim Duijsings officieel lid en Jos Corten aspirant-lid, terwijl André Peelen en Sjuul Lenssen plaats nemen aan de bestuurstafel. Bovendien neemt Sjuul vanaf dit jaar de functie van Minister op zich.
De verjonging binnen de vereniging brengt niet alleen frisse energie, maar ook een hele reeks nieuwe rages met zich mee. Waar we eerder vooral vertrouwde tradities koesteren, staan we nu ineens stokstijf voor de Mannequinchallenge, duiken we op de klanken van Breuzel-Däpp massaal in de dab en laten we ons met plezier onderdompelen in de kleurrijke chaos van de Confettibucketchallenge.
Einzelgängeroptocht
Mechelen vormt op 26 maart 2017 het decor van de derde L1 Einzelgängeroptocht. De deelnemers verzamelen zich bij de Geulhof, waar de sfeer al vroeg gemoedelijk wordt. Vanaf daar loopt de route via de Eperweg en de Hoofdstraat, waarna de optocht bij de kerk ontbindt. Stichting Evenementen Mechelen zorgt voor een vlekkeloze organisatie. Op de Heerenhof staat een VIP-tent van waaruit gasten, onder het genot van een hapje en een drankje, een perfect zicht op de optocht hebben. L1 verzorgt live verslag en levert een vakjury. Daarnaast worden de deelnemers beoordeeld door een enthousiaste kinderjury, bestaande uit de regerende jeugdlustigheden en achteraf gezien allemaal toekomstige jeugdhoogheden. Uit Mechelen zelf lopen Manfred Wetzels, John Rademacher, Johan Vluggen, André Peelen, Cyriel Lemmens, Patrick Botterweck en Bjorn Brouns mee. Na afloop is er een Halfvastenbal met Wir Sind Spitze in zaal A gen Sjoeël, en zijn er diverse optredens in de plaatselijke horeca.
Coronacarnaval
Vanaf 11 november 2020 verschijnen de gebruikelijke carnavalistische komborden aan de rand van Mechelen. Echter op de plek waar normaal gesproken de data voor de jaarlijkse zitting en receptie te lezen valt, staat nu de bemoedigende tekst: ‘Verschoale tussche berg en busch / Os Heemetland – Blief gezond!!!’
Per 1 januari 2021 krijgt CV De Breuzelère een nieuw bestuur: Peter Lindelauf draagt de voorzittershamer over aan André Peelen, en Greg Kikken vertrouwt het secretariaat toe aan Robbert Dautzenberg. Toch verlaten Peter en Greg de bestuurstafel nog niet direct en nemen als bestuursleden plaats naast penningmeester Sjuul Lenssen en Rick van Velden.
De carnavalsdagen in 2021 zien er anders uit dan voorbije jaren. Om de Vastelaovend niet geheel ongemerkt voorbij te laten gaan, introduceert CV de Breuzelère in samenwerking met All in One Reclame een Mechelse carnavalsvlag: de carnavalsdriekleur met daarop het logo van de Breuzelère. Er wordt van carnavalszaterdag tot Aswoensdag massaal gevlagd. Ondanks het afgelasten van de optochten wordt de prinsenwagen op carnavalszaterdag alsnog van stal gehaald. De Breuzelère brengen kasteleins John en Margot Meentz-Deswijzen van café De Paardestal en Gerrie en Sandra Lindelauf-Kikken van café In de Kroeën een kleine attentie in de vorm van een carnavalsvlag en een seizoensorde. Daarna wordt er, met telefonische ruggespraak van burgemeester Ramaekers-Rutjens en Veiligheidsregio Zuid-Limburg, met prinsenwagen en prinsenpaar een route door Mechelen gereden om de Mechelse carnavalisten toch een beetje carnaval te kunnen bieden.
Op carnavalsmaandag is er door CV De Breuzelère een online thuisquarantainecarnavalsoptocht georganiseerd, die aan elkaar gebreuzeld wordt door Elvenraadslid André Peelen. Deelname is mogelijk door een ludieke foto door in te sturen. Toch weerhoudt deze onlineoptocht de enige echte einzelgänger er niet van om door de straten van Mechelen te trekken.
Na enkele versoepelingen, worden in november opnieuw beperkingen opgelegd: evenementen mogen tot 18.00 uur duren en de horeca mag tot 20.00 uur open zijn. Een coronatoegangsbewijs en een vaste zitplaats zijn verplicht. Op 18 december wordt tijdens de persconferentie wederom een lockdown afgekondigd. Net als vorig jaar gaan de zitting en receptie niet door. Bij JCV De Breuzelèèrkes wordt binnen de kaders van de maatregelen én de mogelijkheden toch een kingerzitting gehouden. Op zaterdag 15 januari 2022 vindt voor het eerst in de geschiedenis de kinderzitting online plaats. De Raad van Elf draagt een steentje bij door een ware videoclip bij de Mechelse evergreen Gikker Heuntje hat ‘ne Haan op te nemen en in te zenden.
De twee geplande dinerzittingen ‘Breuzele en Peuzele’ vinden begin februari geen doorgang. Nadat na de persconferentie van 18 februari duidelijk wordt dat er steeds meer mogelijk is, en zelfs fysieke carnaval weer mogelijk wordt, organiseren De Breuzelère en de Breuzelèèrkes tijdens de carnavalsdagen diverse activiteiten in Mechelen. Eindelijk kan er weer een carnaval gevierd worden. De saamhorigheid en de verbondenheid onder de mensen is na een periode van lockdowns duidelijk voelbaar. Aangezien optochten vergunning-technisch niet mogelijk zijn, vertrekt ’s zaterdagsavonds als alternatief voor de Lempkesoptocht een Lempkeswandeling. Op carnavalszondag is er een carnavalsbrunch in zaal A gen Sjoeël. Aansluitend vindt er carnavalsfrühshoppen plaats met optredens van Jérôme Gelissen, Frans Croonenberg en Jan Kockelkoren. ’s Middags trekt een bonte stoet vanaf de Scholdrees middels een ‘kar-trikke’ gezamenlijk terug naar de zaal. Hierbij worden bolderkar, sjoepkar, steekkar, scootmobiel of zitgrasmaaier opgetuigd als heuse carnavalswagens. Op carnavalsmaandag vertrekt vanaf A gen Sjoeël een ‘Rondgank durch Mechele’.
Verlies van Jo Scheepers
Op 7 december 2021 moeten de Breuzelère geheel onverwachts afscheid nemen van Jo Scheepers. Jo werd in 2008 samen met zijn echtgenote Monique Prins en Prinses van de Breuzelère en was vanaf dat moment een trouw lid. Jo was echter al jarenlang met zijn carnavalshart betrokken bij de Breuzelère als uitbater van café zaal De Mechel en als verenigingsman. In 2007 hielp hij samen met Monique de Mechelse verenigingen uit de brand door geheel onbaatzuchtig tijdens de carnavalsdagen zaal De Mechel opnieuw te openen. Als blijk van waardering werden zij hiervoor onderscheiden in de Orde van Verdienste.
Jo was samen met Monique altijd aanwezig om een helpende hand te bieden binnen de vereniging, organiseerde altijd de inkoop en opbouw van het horecadeel bij onze activiteiten en ontwierp menige poster en flyer. Jo zorgde ook altijd voor iets om te knabbelen tijdens onze activiteiten en verzorgde als aanjager van de Eetcommissie het eten tijdens de carnavalsdagen. Zijn bijdrage aan het Proclamatiespel bracht menig lach teweeg. In 2020 vierden we zijn 1×11-jarig lidmaatschap.
Een nieuw begin
Op 11 november 2022 verrijzen aan de Pastoor Ruttenstraat, de Eperweg en de Hilleshagerweg de gebruikelijke komborden van het Breuzelèreriek. Ditmaal staan er weer als vanouds de data van de aankomend Zitting en Prinsenreceptie op. Vanaf dit seizoen zijn CV de Breuzelère en JCV de Breuzelèèrkes online te vinden op één gezamenlijk website, www.breuzelere.nl, met de overkoepelende naam Karneval i Mechele.
Op de eerste woensdag- en donderdagavond na de elfde van de elfde van 2022 en 2023 vindt in de Geulhof de Groeëte Breuzel & Peuzel Dinnershow plaats. Er zijn maar liefst elf gangen, waarbij er vijf gangen voor de mond en zes gangen voor het oor zijn. In 2022 treden onder meer De Knöppele, Kartoesj, Spik & Span en Buutereedner Huub Schwanen op. In 2023 zijn het Frans Theunisz, Erwin Brepoels, Fer Kousen en Roy Moonen die het publiek entertainen. Beide edities is er een optreden van onze Vorst Jan, en wordt de muzikale omlijsting verzorgd door de mannen van MADSOUND.
In november 2023 vervangt de Raad van Elf hun steken uit 2009 door een gloednieuwe exemplaren. Twee jaar later worden er in november 2025 nieuwe halsplaten in gebruik genomen.
De prachtige door Vorst Antoon Peute vervaardigde scepter, waarmee Prins Sjeng I in 1964 voor het laatst over het Breuzelèreriek gezwaaid heeft, krijgt in 2024 een nieuw leven. Na een korte revisie en een kleine toevoeging wordt deze heersersstaf door President André Peelen ter hand genomen.
Bram Savelberg volgt in 2022 Rick van Velden als bestuurslid op. In 2024 wordt het bestuur verder versterkt door Christian Nievelstein, waarna de gecombineerde functie van president-voorzitter opnieuw wordt opgesplitst: André blijft president en Christian wordt voorzitter. In 2025 verruilt Christian de voorzittershamer tijdelijk voor de prinsenscepter.
Met een nieuw en jong bestuur, bestaande uit voorzitter Christian, secretaris Robbert, penningmeester Sjuul, en de bestuursleden Bram en president André, aan het roer ontstaat er nieuwe dynamiek binnen de vereniging. De zogenaamde ‘oude garde’ kan met een gerust hart een stap terug doen en het daadwerkelijke werk steeds meer overlaten aan de jongere generatie. De mannen met ervaring noemen zich gekscherend de RvC. Deze Raad van Commissarissen waakt over de Mechelse vastelaovendstradities.
- Dank
Terugblikkend mogen wij met zekerheid stellen dat Mechelen in 88 jaren een rijk carnavalsgebeuren heeft gekend en nog kent. Met gepaste trots kunnen wij ook vaststellen dat Carnavalsvereniging de Breuzelère hier zeker haar steentje aan heeft bijgedragen.
Echter, een Carnavalsvereniging staat volledig machteloos wanneer de plaatselijke bevolking en de ondernemers geen medewerking verlenen. De dorpsgenoten samen met de kasteleins zorgen tenslotte voor de echte carnavalssfeer. En dat er sfeer is tijdens de carnavalsdagen in Mechelen, kan iedereen, van jong tot oud, zonder meer vaststellen. Een feit waarvoor wij, als Carnavalsvereniging, de Mechelse bevolking van harte bedanken.
- Prinsengalerij
| Nr. | Jaar | Prins | Burgerlijke naam | Prinses / Bloemenkoningin | Opmerking |
| 1 | 1939 | Geur I | Geur Kikken | Fien Janssen | |
| 2 | 1947 | Johan I | Johan Botterweck | ||
| 3 | 1948 | Frans I | Frans Slenter | Annie Kuijpers | |
| 4 | 1949 | Nico I | Nico Pleijers | ||
| 5 | 1950 | Piet I | Piet Vluggen | Maike Stommen | |
| 6 | 1951 | Andreas I | Andreas Jaspers | ||
| 7 | 1952 | Piet II | Piet Vanhautem | Mia Vanhautem-Loozen | |
| 8 | 1953 | Jo I | Jo den Exter | ||
| 9 | 1954 | Pierre I | Pierre Loozen | Finy Crutz | |
| 10 | 1955 | Antoon I | Antoon Peute | Lily Lindelauf-Peute | |
| 11 | 1956 | Antoon II | Antoon Peute | Fientje Kikken | |
| 12 | 1957 | Antoon III | Antoon Peute | Eugenie Ernes | |
| 13 | 1958 | Henk I | Henk Hendriks | Finy Savelberg | |
| 14 | 1959 | Wiel I | Wiel Kikken | Pauline van Loo | |
| 15 | 1960 | Sjuf I | Sjuf Kicken | Ria Mordant | |
| 16 | 1961 | Frans II | Frans Duijsings | Maria Botterweck | |
| 17 | 1962 | Hub II | Hub Lindelauf | Riet Kikken | |
| 18 | 1963 | Alfons I | Alfons Pappers | Annie Ploemen | Gemeente |
| 19 | 1964 | Sjeng I | Sjeng Ernes | Mia Volders | Jubileum |
| 20 | 1965 | Jan I | Jan Ernes | Mia Volders | |
| 21 | 1966 | Leo I | Leo Meentz | Mia Vluggen | |
| 22 | 1967 | Ansel I | Ansel Botterweck | ||
| 23 | 1968 | Sjef I | Sjef van Loo | Gemeente | |
| 24 | 1969 | Miel I | Miel Vluggen | ||
| 25 | 1970 | Thijs I | Mathieu Lindelauf | Finy Lindelauf-Ploemen | |
| 26 | 1971 | Piet III | Piet van Aerssen | Jubileum | |
| 27 | 1972 | Jan II | Jan Kockelkoren | Roos Kikken | Gemeente |
| 28 | 1973 | Harrie I | Harrie Maas | ||
| 29 | 1974 | Jean I | Jean Brauers | ||
| 30 | 1975 | Michel I | Michel Kockelkoren | José Cox | |
| 31 | 1976 | Jean II | Jean Brauers | ||
| 32 | 1977 | Rob I | Rob Botterweck | Annemie Zinzen | |
| 33 | 1978 | Hub II | Hub Deguelle | Tilly Deguelle-Cremers | Gemeente |
| 34 | 1979 | Sjef II | Sjef Vincken | ||
| 35 | 1980 | Sjef III | Sjef Vluggen | Ronny Vluggen-Winters | |
| 36 | 1981 | Jo II | Jo Horbach | Jacqueline Horbach-Sperth | |
| 37 | 1982 | Hub III | Hub Simon | Maria Simon | Jubileum |
| 38 | 1983 | Hub IV | Hub Kockelkoren | ||
| 39 | 1984 | John I | John Meentz | Gemeente | |
| 40 | 1985 | Rig I | Greg Kikken | Andrea Rademacher | |
| 41 | 1986 | Peter I | Peter Lindelauf | ||
| 42 | 1987 | Hub V | Huub van Wersch | ||
| 43 | 1988 | John II | John Rademacher | ||
| 44 | 1989 | Math I | Math Vanhautem | Elly Coenjaerds | |
| 45 | 1990 | Pascal I | Pascal Botterweck | Angèlla Vandebergh | Gemeente |
| 46 | 1991 | Gerrie I | Gerrie Lindelauf | Liesbeth Lindelauf-Bessems | |
| 47 | 1992 | René I | René Brauers | ||
| 48 | 1993 | Hub VI | Hub Hounjet | Jubileum | |
| 49 | 1994 | Paul I | Paul Simon | Chantal Tychon | |
| 50 | 1995 | Jeroen I | Jeroen Maas | ||
| 51 | 1996 | Ron I | Ron Kikken | Sandra Houben | Gemeente |
| 52 | 1997 | Henk II | Henk Kicken | ||
| 53 | 1998 | Richard I | Richard Bessems | Nicole Bonrath | |
| 54 | 1999 | John III | John Coenjaerds | ||
| 55 | 2000 | Emile I | Emile Vanderheijden | ||
| 56 | 2001 | John IV | John Claessens | Kitty Claessens-Bisschops | |
| 57 | 2002 | Carlo I | Carlo Cratsborn | Natascha Cratsborn-Boesten | |
| 58 | 2003 | Geert I | Geert Wierts | Gemeente | |
| 59 | 2004 | Ivo I | Ivo Kockelkoren | Nicole van Loo | Jubileum |
| 60 | 2005 | Roy I | Roy Vanhommerig | Petra Hodinius | |
| 61 | 2006 | Jan III | Jan Hamers | Marjo Hamers-Coenjaerds | |
| 62 | 2007 | Bryan I | Bryan Poeth | Kelly Franssen | |
| 63 | 2008 | Jo III | Jo Scheepers | Monique Scheepers-Moonen | |
| 64 | 2009 | Pieter I | Pieter Loozen | Linda Loozen-Gorissen | |
| 65 | 2010 | Rob II | Rob Lenssen | Lilian Lenssen-Diederen | |
| 66 | 2011 | Willem I | Willem Rompen | Dymphie Rompen-Vluggen | Gemeente |
| 67 | 2012 | Kay I | Kay Meentz | ||
| 68 | 2013 | Hub VII | Hub Huijnen | Toos Huijnen-de Lange | |
| 69 | 2014 | Wim I | Wim Duijsings | Thea Duijsings-Rijcken | |
| 70 | 2015 | Jordy I | Jordy Simon | Lidwine Douven | Jubileum |
| 71 | 2016 | Edward I | Edward Vanderheijden | Renate Vanderheijden-Groneschild | |
| 72 | 2017 | Abby I | Abby Meens | Dominique Meens-Krewinkel | |
| 73 | 2018 | Robbert I | Robbert Dautzenberg | Lindy Kremer | Gemeente |
| 74 | 2019 | Bram I | Bram Savelberg | Cindy Coenjaerds | |
| 75 | 2020 | Thijs II | Thijs Bessems | Lisette Duijsings | |
| 76 | 2023 | Stan I | Stan Meentz | Denise Souren | |
| 77 | 2024 | Job I | Job Essers | Benthe Schmeets | |
| 78 | 2025 | Christian I | Christian Nievelstein | Ankie Lonussen | |
| 79 | 2026 | Jubileum |
- 1940-1946 geen activiteiten wegens Tweede Wereldoorlog en wederopbouw.
- 2021-2022 geen activiteiten wegens Coronapandemie.
- Wisten jullie datjes
Wisten jullie dat…
… De vergaderingen bij President Math Vanhautem heel gezellig waren?
… er regelmatig een raadslid vergeten wordt en alleen achterblijft?
- Bronvermelding en colofon
Voor de geschiedschrijving van de carnavalsvereniging is gebruik gemaakt van de eerder beschreven geschiedenis CV De Breuzelère, zoals die in verschillende jubileumboekjes is beschreven (bij 30 jaar, 55 jaar, 66 jaar en 77 jaar). Verder is gebruik gemaakt van:
- Archief van Heemkundevereniging Mechelen, in het bijzonder de collectie verzameld door dhr. Miel van Loo.
- Archief van Weekblad De Omroeper, geraadpleegd in het gemeentehuis te Vaals.
- Facebook en Instagram.
- Diverse internetsites o.a. www.delpher.nl, www.graftombe.nl
- Privéverzamelingen
De samenstellers/schrijvers zijn zich ervan bewust niet volledig te kunnen zijn in het weergeven van alle gegevens betreffende de historie van Carnavalsvereniging De Breuzelère. Ze hebben echter wel getracht zo volledig mogelijk te zijn.
- Colofon
Uitgave bij gelegenheid van 8×11-jarig jubileum CV De Breuzelère 2026.
Samenstelling en redactie:
Rob Botterweck, Robbert Dautzenberg, Greg Kikken, Jan Kockelkoren, Peter Lindelauf, André Peelen, Math Vanhautem, Cyriel Lemmens.
Onderzoek:
Cyriel Lemmens, met hulp van Marlie Koonen-Vincken